Spellingtip: ‘Wordt je’ of ‘word je’?

wordt je of word je

Spellingtip: ‘Wordt je’ of ‘word je’?

In een zin als Wanneer word jij gevaccineerd? is word zonder t, maar in Hoe vaak wordt je website bezocht? juist met. Dat lijkt een beetje een raar, maar als je goed naar de zin kijkt, klopt het helemaal met de regels. Hoe zit het? Bij de regelmatige werkwoorden is de regel voor de jij-vorm ik-vorm + t: jij loopt – jij werkt – jij wordt – jij vindt. Maar als het werkwoord vóór jij staat, vervalt die t: loop jij – werk jij – word jij – vind jij. Waarom dat zo is, is niet helemaal zeker.

Analogie

De regels voor de werkwoordspelling berusten voor een groot deel op analogie. Dat is hier niet anders. We schrijven een t bij jij wordt omdat we die horen bij jij loopt. Bij loop jij hoor je geen t, en dus schrijf je ook word jij zonder t. Dat verklaart dus waarom je Wanneer word jij gevaccineerd? schrijft. Maar hoe zit het dan met Hoe vaak wordt je website bezocht?

Onderwerp

Waar je wel op moet letten, is dat je zeker weet dat je met het onderwerp van de zin te maken hebt. Als er jij staat, hoef je daar niet over te twijfelen; dat kan alleen maar onderwerp zijn. Maar bij je is het lastiger. Dat is een minder nadrukkelijk vorm van jij, jou én jouw. Kijk dus altijd goed met welke vorm je te maken hebt. Je kunt altijd proberen of de zin grammaticaal correct blijft als je je vervangt door jij. Zo ja, dan schrijf je het werkwoord zonder t.

  • Hoe word je lid? (je = jij)
  • Van sporten in de zon word je mooi egaal bruin. (je = jij)
  • Met deze gegevens wordt je maximale hypotheek berekend. (je = jouw)
  • Met deze tips vind je je e-mails altijd terug. (je = jij)
  • De opdrachtgever meldt je aan bij ons systeem. (je = jou; het onderwerp is de opdrachtgever)

En daarmee is ook duidelijk waarom Hoe vaak wordt je website bezocht? goed is: je is hier de verkorte vorm van jouw.

Ezelsbruggetjes

Als je twijfelt of je wel of geen t moet schrijven, kun je twee ezelsbruggetjes gebruiken. Hierboven noemde ik al dat je je kunt proberen te vervangen door jij. Een andere optie is dat je het werkwoord vervangt door bijvoorbeeld smurfen. Dan kun je goed horen of je een t gebruikt of niet.

  • Hoe smurf je lid? (je = jij)
  • Van sporten in de zon smurf je mooi egaal bruin. (je = jij)
  • Met deze gegevens smurft je maximale hypotheek berekend. (je = jouw)
  • Met deze tips smurf je je e-mails altijd terug. (je = jij)
  • De opdrachtgever smurft je aan bij ons systeem. (je = jou; het onderwerp is de opdrachtgever)

Meer weten?

Wil je meer leren over werkwoordspelling? Volg dan de online training Werkwoordspelling.

Meer taal?

Schrijf je in voor de nieuwsbrief van AV Taaltraining en ontvang maandelijks de beste taaltips en informatie over nieuwe trainingen direct in je mailbox.

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.